In heel het land werden de eerste gemeentelijke basisscholen gebouwd na 1879 toen een liberale regering zodanig de wet wijzigde dat het overwicht van de toenmalige katholieke scholen gegroeid uit reactie tegen de invloed van het Hollands bewind, teniet werd gedaan. In 1884 herstelde de regering de gemeentelijke zelfstandigheid op onderwijsgebied.Voortaan kon een eigen school gebouwd of een bestaande, meestal katholieke, zeg nu vrije, aangenomen worden.

  • Reeds vroeg in de 19de eeuw was er te Oostduinkerke naast de gemeentelijke jongenschool een gemeentelijke meisjesschool, waar de zuster de Onbevlekte Ontvangenis de meisjes wat wijsheid probeerden bij te brengen. De school was gelegen in het klooster (recht tegenover de Gemeentelijke opvang 'Speelplekke' - het huis rechts van bakkerij Vandamme'). In 1873 trokken zij ook de allerkleinsten aan.
  • De liberale regering legt beperkingen op. De wet Van Humbeeck, die in 1879 de neutraliteit van het gemeentelijke onderwijs oplegde, verstoorde de schoolvrede. Onder burgemeester en landbouwer Carolus Declerq werd de jongenschool verhuisd naar het woonhuis (met café en zaal) bij Jérome Florizoone. (links van de Gemeentelijke opvang 'Speelplekke') en kwam er aldus een afzonderlijke zogezegde 'knechtenschool' tot stand.
  • De zusters moesten de gemeentelijke meisjesschool verlaten en richtten een vrije katholieke school op die openstond voor jongens en meisjes. Deze nieuwe meisjesschool werd gebouwd in 1880 achter het klooster (langs de huidige toegangsweg naar het museumplein naast bakkerij Vandamme). Blijkbaar was het de onderpastoor E.H. Lootens een doorn in het oog dat de meisjes en de jongens zomaar een ganse dag samen waren. Daarom kocht hij een stuk grond bij de zusterschool (in 1882) en bouwde er een klas met afzonderlijke speelplaats voor de jongens.
  • Na de schooloorlog werd in 1895 de katholieke jongensschool met de gemeenteschool versmolten.
  • In 1897 wordt de gemeentelijke basisschool gebouwd op de plaats waar ze zich nu nog steeds bevindt. Onder het burgemeesterschap van Carolus Maes werd er voor 1895 aanvang gemaakt met het bouwen van het woonhuis voor het schoolhoofd.
  • Onder Serafien Declerck, burgemeester (en landbouwer) werden drie klassen gebouwd.
  • In 1900 zijn er twee onderwijzers, nl Germain Chieux en Désiré Ketelers.
  • In 1905 zijn er al drie onderwijzers, meester Julien Rathé komt erbij.

1914-1918

De jongenschool werd verwoest in 1914-1918. Oostduinkerke lag onder het Duitse geschut vanaf januari 1915 en in februari 1915 werd het dorp bijna dagelijks beschoten. Eind mei 1917 werd Oostduinkerke door de Engelse soldaten geëvacueerd. Het dorp was totaal ontvolkt van 11 juli 1917 tot 11 november 1918.

 

We zien op de foto een groep schoolkinderen met hun hoofdonderwijzer Germain Chieux in het midden; links van hen onderwijzer Remi Pattyn en uiterst links onderwijzer Julien Rathé. Doordat de school volledig verwoest werd gingen de lessen na 1918 door in barakken, gelegen in de vrijheidsstraat.

In 1920 werd de school herbouwd met 5 klassen (met reeds vier onderwijzers. Meester Remi Pattyn kwam de rangen van de leerkrachten versterken). Ingevolge de nieuwe leerplichtwet die voorzag dat kinderen tot 14 jaar schoolplichtig waren en de bevolingsaangroei (tot ruim 2500 mensen), kwam er een 4de graad bij, gegeven door meester-koster Désiré Ketelers. De herbouwde school werd ingehuldigd op 3 april 1921.

1926

Van links naar rechts; 

Julien Rathé - Schoolhoofd Germain Chieux - Désiré Ketelers - Remi Pattyn

1931

Van links naar rechts/van boven naar onder:
Remi Pattyn - Désiré Ketelers - Jef Bouquillon
Schoolhoofd Germain Chieux - Julien Rathé



Vanaf 1934-1935 zijn er vijf klassen met 180 leerlingen. Die konden lessen volgen tot het achtste leerjaar! Schoolhoofd was toen Dhr. Jules Pieters. De leerkrachten waren: Jules Rathé; Remi Pattyn, Désiré Ketelers en bijkomer Jef Bouquillon.

Enkele wetenswaardigheden:

  • Vanaf de oprichting van de Gemeentelijke Basisschool gaf toenmalig schoolhoofd Germain Chieux avondlessen aan de visserskinderen van het dorp. Hoofdzakelijk praktische lessen zoals: netten breien, knopen leggen, seinen leren en tevens kaartlezen, scheepvaartreglementen, enz... Dit deed hij tot op zijn pensionering in 1935.
  • Voor het vierde en het vijfde leerjaar was er een speciale leraar muziek. Eénmaal per week werd één uur zang en muziek gegeven door muziekdirigent Degraeve van de Gemeentelijke Harmonie "Eendracht en hoop". In die tijd moesten er minimum 440 halve klasdagen genoteerd worden, de grote vakantie liep van half augustus tot na de kermisweek en met Pasen en Nieuwjaar was er slechts één week vakantie.
  • In 1935 zijn er vijf klassen met 178 leerlingen.
  • In 1936-1937: 185 leerlingen.
  • 1936 - 1937: Het leerlingenaantal bleef aan de hoge kant tot de tweede wereldoorlog. Er zijn 169 leerlingen: Jozef Joncheere volgt Désiré Ketelers op. Er zijn dan nog twee leerlingen in het achtste leerjaar overgebleven.

1937

Van boven naar onder en van links naar rechts:
Joseph Joncheere - Jef Bouquillon
Julien Rathé - Schoolhoofd Jules Pieters - Remi Pattyn

Eén van de eerste klasfoto's in ons bezit: uit 1937
Dit is een foto van het eerste en tweede leerjaar van meester Joseph Joncheere.
Samen 30 leerlingen!

1941

1941-1943: De onderwijzers worden verplicht de "landbouwtelling" te doen. In de klassen wordt de liederenbundel "Zingende jeugd" verplicht. Het leerlingenaantal bleef zeer hoog, ongeveer 200 kinderen (dit omdat door de oorlog er weinig kinderen naar de naburige scholen konden trekken.) Willem Demeyere van de dienst volkszang komt daartoe de klassen 'bezoeken'.

Van boven naar onder en van links naar rechts:
Joseph Joncheere - Remi Pattyn - Jef Bouquillon
Schoolhoofd Jules Pieters - Julien Rathé

Ook hier weer een zeldzame klasfoto:
Het eerste en tweede leerjaar van meester Joseph Joncheere. de foto werd genomen in 1941.
Tel maar mee: 39 leerlingen  (één lokaal - één leerkracht!!)

1943-1944: Er zijn vijf klassen voor 157 leerlingen, er zijn vijf klassen en acht leerjaren. 
De leerkrachten zijn: J. Joncheere, J. Bouquillon, Roger Cornette en Louis Dutoo. Het schooljaar eindigt op 10 juli omdat er een kinderverlamming-epidemie heerst. In maart 1944 moesten de leerkrachten een fichesysteem opmaken voor de eventuele ontruiming van de gemeente. In mei werd bevel gegeven tot sluiting van de scholen en werd er een halve dag samengekomen voor het geven van huistaken.

1945

Van boven naar onder en van links naar rechts;
Germain Segers - Willy Vandenbussche - Roger Cornette

Schoolhoofd Jules Pieters - Joseph Joncheere

Na 1944 was de klasbezetting fel gedaald.

1946-1947: Er zijn vijf klassen met 131 leerlingen.

1947-1948: Er zijn vier klassen met 120 leerlingen. Op 10 september meldt het Ministerie van Onderwijs dan één klas wegvalt wegens te weinig leerlingen. Er moeten gemiddeld 30 leerlingen per klas zijn. G. Segers moet vertrekken.

In 1948 wordt een eerste maal deelgenomen aan de 'Kantonale Examens'. Acht op twaalf leerlingen zijn geslaagd. Elf op twaalf haalden de helft van de punten voor rekenen en moedertaal.

1949
Van boven naar onder en van links naar rechts:
Willy Vandenbussche - Joseph Joncheere - Roger Cornette
Schoolhoofd Jules Pieters

1948-1949: Vier klassen met 123 leerlingen.

1949-1951: Er zijn vier klassen met 109 leerlingen (het dieptepunt van het aantal leerlingen). Hoofdonderwijzer Jules Pieters stopt in 1950. Zijn opvolger wordt Joseph Joncheere.

1950-1951: Vier klassen met 115 leerlingen.

1951-1952: Vier klassen met 123 leerlingen. Er zitten 50 leerlingen in het eerste en tweede leerjaar samen!!)

1952

Van onder naar boven en van links naar rechts:
Charles Borgonie - Willy Vandenbussche - Roger Cornette
Schoolhoofd Joseph Joncheere

1952-1953: Er zijn vier klassen met 119 leerlingen. Charles Borgonie vervangt Urbain Florizoone. Het schooljaar 1952-1953 begint pas op 16 september wegens een polio-epidemie.

1952: In 1953 kwam er een nieuw initiatief. Er werd een drukpers aangekocht en het schoolblad 'Grepen uit de Korre' rolde van de pers, een band tussen school en gezin. Het blad kwam zelfs in een internationale tenstoonstelling in het 'Musée Pedagogique".

1955: In 1955 werd de 4de graad afgeschaft

1958: De oude kolenkachels 'buzestoven' werden vervangen door de centrale verwarming. Ondertussen was de klas op zaterdagmorgen reeds afschaft in tijden van kolenschaarste en nu werd ook de lesvrije woensdagnamiddag ingevoerd.

1960: In 1960 werd de eerste vrouwelijke leerkracht aangesteld. Dat was mevrouw Therese Rosa Heunaerts. Op 1 september 1963 was Lut Cornette het eerste meisje dat op de banken van het eerste leerjaar plaatsnam. In 1964 werd de schoolbus ingelegd en in 1967
kwam er een ouderraad-vriendenkring. In 1973 werd Stefaan Devloo de eerste turnleerkracht. In 1972 werd Roger Cornette schoolhoofd. Ondertussen kwamen Kaat Pylyser, Ingrid Vanneuville en Freddy Ramman het leerkrachtenkorps vervoegen, waren er zes leerjaren en werd er jaarlijks naar Biedenkopf afgereisd voor de bosklassen.

De jaren na 1972
Aan de rest van onze schoolgeschiedenis wordt nog volop gewerkt.
Nog wat geduld!
Dank voor uw begrip!!